woensdag 16 november 2011

dagje uit


De wens van Lief om er even een dagje 'uit' te gaan wordt ons in de schoot geworpen. Ik plaatste een lang volledig bericht op Nederlanders.fr over Aai en zag een vriendschapsverzoek van S die ook in de Avyron woont en die ik een beetje 'uit het oog verloren' was. Ze stopte ergens vorig jaar met bloggen, dan verdwijnt zo'n 'favoriet' uit mijn lange lange lijst. Toen bleek dat ze veelal in haar up! in deze regio immigrante zat te wezen, wat mij verwonderde maar wat ik ook bewonder, want hier.... Is niks. Nee, ik overdrijf niet. Geen moderne leuke 'vrije universiteit' achtige clubs of instellingen, geen nederlander in elke straal van 15 kilometer om even op adem te komen en geen moderne open fransen die relatief makkelijk contact maken (welke franse regio heeft wèl zulke fransen?). Dat herkennen we maar al te goed. Neemt inderdaad niet weg dat wat ze ooit publiceerde over deze regio helemaal waar is; Het mooiste stuk Frankrijk, ook volgens de fransen zelf! Dit is juist door dat er 'niets is', door de afwezigheid van veel mensen, grotere steden, uitgaansgelegenheden of activiteiten. Een sinterklaasfeest voor en door nederlanders heeft hier ook geen recht van bestaan. Clubjes voor nederlanders, samenkomsten en dergelijke? Onmogelijk. Een arme, lege maar ontzettend mooie omgeving met rust, frisse en zuivere lucht en een authenticiteit tot aan de hemel. Maar dit terzijde.
Wij gingen gisteren op de koffie bij S en A, haar man die eindelijk 'over' kon, om samen het franse leven te leven, in de Aubrac nog wel. Met een pijnstiller tegen de rugpijn vertrekken we net na 9 uur. Het is maar anderhalf uur rijden, das relatief om de hoek. (Stel je voor dat je in Nederland voor een bak koffie 90 minuten op de weg gaat zitten.....?) S heeft in haar dorp geinformeerd voor Aai en misschien wil haar buuf zich gaan ontfermen over poezedier. Dat zou fijn zijn, zo dichtbij, kan ik haar af en toe nog gaan aaien ook! Dus brandde ik een cd-rom met alle foto's die ik van haar heb en print het pamfletje uit dat ik overal ophing zonder resultaat.
De kortste route van de tomtom is weer een verrassing. De weg naar hen toe is prachtig, dit zal nooit veranderen. Die 90 minuten sturen zou me ook een prachtige foto-reportage op kunnen leveren en ik prent de route in mijn hoofd. Ik kan niet echt in en uit de auto voor een foto hier of daar, dat laat mijn rug niet toe en stevig ingesnoerd in de gordel met verantwoorde zithouding is alles beter dan normaal. (Lief, stop hier, even die kleuren kieken. Marc, hooo, kun je stoppen? Dat licht man, wowwww. Schat, 'k moet een plas... Lief stopt de auto. Aw kijk een ruine! Auto zwenkt de weg af, motor uit en we struinen door de bramen en netels, stappen op 20 jaar oud bestofte troep en ruiken aan bijna vergane knoflook strengen.)
Het dorp van S & A is er één van enkele huizen -op twee handen te tellen- met in totaal 5!! ja vijf inwoners. Het allerlaatste huisje om de hoek in een steil straatje is van hen. Spier wit geverft, wat we niet wisten, ik heb ook hun telefoonnummer niet mee. Maar in zo'n gehucht hoeft maar een andere auto te stoppen of het hele dorp is gealarmeerd, makkelijk dus, je schiet iemand aan zodra je beweging bespeurd. Hoeft niet, ik was uitgestapt om leven te ontdekken en S staat al buiten naast haar twee e-n-o-r-m-e Newfoundlanders, zwart en bruin met witte vlek op de borst. Mijn hemel, wat een indrukwekkende beren die ze honden noemen, schitterende dieren! Ze zijn helemaal als Aai maar dan in hondenvorm. Oh nee, beren die blaffen.
Handen schudden, elkaar eens aankijken en om ons heen waar we beland zijn om dan naar binnen te schuifelen voor koffie.
Beetje het zelfde schuitje waarin ze rond dobberen en af en toe wat meters varen. Natuurlijk die financiele kwestie, de toch gebruikelijke tegenslagen die onherroepelijk bij het emigreren horen. Zo kletsen we het einde van de ochtend door en bekijken we hun lapje grond en het huisje. Zij doen en willen de dingen wéér anders, het huis is ook niet te vergelijken met dan van ons en ook het leven zelf. Een spiegeltje dat we ons voorhouden dat weer inzichten oplevert die we anders niet hadden gehad. Met voet-bedekking -die twee honden die onder de kleine keukentafel liggen of op het loopgedeelte- eten we een warme hap, net als thuis, 'dagje uit' is ook niet koken. Heerlijk, met ijs toe nog wel. We vernemen ook wat roddels, erg leuk, drinken een echt wijntje in plaats van de goedkope marktwijn en wisselen ervaringen uit.
Ik vergeet mijn rug, of het is aan de beterende hand, kan ook. En eind van de middag begint Lief al op zijn stoel te schuiven, die wil creatief naar huis rijden zolang het nog licht is. Gelijk heeft ie, dus vertrekken we in de blauwe en hij vindt al gauw de lastig te berijden bospaden die steil omlaag naar dalen leiden en prachtige herfstbossen tonen, beuken, beuken en beuken met hier en daar een naaldboom of knalgeel gebladerde berk. We doen dus langer over de terugweg, mijn rug lijkt echt beter te zijn en aan het einde van de schemering besnuffelt Castel ons van top tot teen, want wij ruiken naar Newfoundlanders.
Het was echt een dag weg, ik heb er een 'even een bak koffie doen'-adres bij en we kennen weer een nieuw stukje Aubrac.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen